
Bij seksueel misbruik zijn er drie partijen: slachtoffers, plegers en omstaanders.
Mr. Manon Cop schreef samen met dr. Kasia Uzieblo een opinie over de tweede aflevering van de docu-reeks 'Het bestaat' over kindermisbruik. Deze aflevering en opinie spitsen zich toe op de omstaanders: ouders, familie, leraren en andere naasten van slachtoffers van kindermisbruik. De opinie is tevens te lezen bij De Standaard.
Hoe wij als omstaanders op seksueel misbruik reageren, bepaalt mee hoe diep de schade bij het slachtoffer reikt en in welke mate herstel mogelijk is. Ook de tweede aflevering van de documentairereeks ‘Het bestaat’ toont scherp dat seksueel misbruik zich niet afspeelt in een sociaal vacuüm. Rond slachtoffers én plegers staan partners, familieleden, vrienden en professionals. Helaas zien we haast dagelijks hoe omstaanders signalen niet herkennen, het misbruik niet willen zien of niet weten hoe te reageren, en hoe ze zo voor bijkomende trauma’s zorgen.
Vele redenen om niet te zien
Een van de aangrijpendste getuigenissen in de aflevering is die van een moeder die verklaart dat ze haar eigen kind eerst niet geloofde, wanneer die over het misbruik door de nieuwe partner van de moeder vertelde. Velen zullen met ongeloof reageren: hoe kan jeje eigen kind niet geloven? Maar dit is geen uitzonderlijke reactie: je beeld over iemand van wie je houdt, die je vertrouwt, komt op losse schroeven te zitten en dat accepteren kost tijd. Sommigen zullen het zelfs nooit kunnen erkennen, omdat ook zij veel te verliezen hebben wanneer ze het geweld onderogen zouden zien. Om dat ongemak te verminderen, zoekt men verklaringen die het slachtoffer verantwoordelijk maken of die het gedrag van de dader normaliseert.Daar komt nog bij dat misvattingen over slachtoffer- en daderschap erkenning inde weg zitten. Men veronderstelt bijvoorbeeld verkeerdelijk dat een kind zo’n traumatische gebeurtenis onmiddellijk zou delen en dat plegers bizar en dus gemakkelijk te herkennen gedrag stellen. Deze misvattingen kunnen ertoe leiden dat signalen verkeerd geïnterpreteerd worden of een onthulling onvoldoende ernstig genomen wordt.
Niet te snel veroordelen, wel benoemen
Het is gemakkelijk om reacties te veroordelen. Maar de waarheid isdat niemand weet hoe hij zelf zal reageren wanneer zo’n onthulling plots het eigen gezin treft. Begrip voor die menselijke worsteling mag ons echter niet beletten om te benoemen wanneer reacties schadelijk worden. Wanneer contact met het misbruikende familielid doorgaat zonder rekening te houden met de grenzen van het slachtoffer, wanneer naar het slachtoffer wordt geluisterd maar tegelijk wordt gevraagd er niet meer over te spreken, of wanneer men probeert zo snel mogelijk terug te keren naar ‘het normale’, kan dat voor de omgeving voelen alsof het probleem is opgelost. Bij het slachtoffer kan de twijfel net dan hard toeslaan. Was het dan toch niet zo erg? Ben ik minder belangrijk dan degene die dit heeft gedaan? Waar ben ik nog veilig? Het wegkijken, sussen of stilzwijgen veroorzaakt aanzienlijke schade en houdt het geweld mee in stand. Juist daarom moeten we over omstaanders en hun reacties spreken.
Bovendien kan niet handelen ookstrafrechtelijke gevolgen hebben. Wie weet dat iemand in groot gevaar verkeerten bewust geen hulp biedt of inschakelt, kan onder bepaalde voorwaardenvervolgd worden voor schuldig verzuim. Die strafrechtelijke nasleep brengtmenselijke drama’s met zich mee waarop we nog te weinig zicht hebben.
Luisteren zonder oordeel
De reeks toont hoe omstaandersmet schuldgevoelens en twijfel kunnen worstelen. Hadden ze het maar snellergezien of anders gereageerd, dan … maar er is geen handleiding die een goedeafloop garandeert. Iedere situatie en ieder slachtoffer is anders en vereistandere acties en reacties. Dit neemt niet weg dat er zaken zijn waar veleslachtoffers op hopen. Ze hopen dat er geluisterd wordt zonder oordeel. Zewillen dat hun verhaal ernstig genomen wordt, dat er iemand nagaat wat ze opdat moment nodig hebben, dat er iemand mee voor hun veiligheid wil zorgen. Hetslachtoffer wil hierbij de regie kunnen terugvinden, door niet opgelegd tekrijgen wat hij/zij moet doen, maar door te horen wat de mogelijkheden zijn,deze te kunnen bespreken en eigen keuzes te kunnen maken.
‘Het bestaat’ gaat dus nietalleen over slachtoffers of plegers. Het gaat ook over jou en mij. Als gemiddeldéén of twee kinderen per klas misbruik meemaken, is de kans reëel dat we zelf eenomstaander zijn, soms zonder het te beseffen. Maar weten we hoe te reagerenwanneer iemand ons iets vertelt of wanneer we vermoeden dat er iets niet klopt?Door ons te informeren en het gesprek aan te gaan, kunnen we slachtoffers beterleren ondersteunen en geweld helpen stoppen. Ook daar ligt een belangrijkesleutel tot preventie en herstel.
Kasia Uzieblo
Vlaams coördinator Hulplijn 1712
Professor Forensische Psychologie,Vrije Universiteit Brussel
Manon Cop
Advocaat seksueel strafrecht
Blog
Gerelateerde artikels
Contacteer ons
voor een vertrouwelijk gesprek
2018 Antwerpen
BE 0473.631.204

.jpg)
.jpg)





%20(1)-3888x2592.jpg)
.jpeg)





%20(1).jpg)